The Stone Roses

  • The Stone Roses is een Britse alternatieve rockband. Samen met de Happy Mondays en Inspiral Carpets vormden The Stone Roses rond 1990 de kern van de Madchester scene in Manchester. Deze scene kenmerkte zich door het combineren van rock en gitaar met dansmuziek. De band wordt gezien als een van de pioniers van de Britpop. Hun titelloze debuutalbum uit 1989 geldt vandaag de dag als een Britse klassieker, en scoort nog steeds hoog in lijstjes van "beste albums". Het bekendste nummer van de band is de single Fools Gold. De opzwepende groovy drumpartijen van Reni, het aanstekelijke gitaarspel van John Squire, de solide basspartijen van Mani en de zelfverzekerde podiumpersoonlijkheid van Ian Brown maakte de band razend populair. In 2011 besluit de band na jarenlange geruchten weer samen te komen voor nieuwe concerten en een nieuw studioalbum.

    Biografie

    Debuutalbum

    De bezetting in de succesperiode was zanger Ian Brown, gitarist John Squire, drummer Alan "Reni" Wren en bassist Gary "Mani" Mounfield. Het debuutalbum van The Stone Roses met gelijknamige titel was een groot succes en wordt nog altijd gezien als een klassieker, in Engeland staat hij nog regelmatig hoog in de best of lijstjes. Het artwork was van de hand van gitarist John Squire en geïnspireerd door Jackson Pollock, waar Squire een groot bewonderaar van is. Op hun hoogtepunt rond 1990 leek de band voorbestemd om de wereld te veroveren, ze hadden een prima album, waren razend populair, zagen er goed uit en waren trendzettend. Rechtszaken, drugsgebruik en interne onenigheid resulteerde uiteindelijk in een afwezigheid van 5 jaar waardoor de grote verwachtingen nooit echt waargemaakt werden.

    Second coming

    Na hun eerste album volgde een periode van 5 jaar stilte, waarin The Stone Roses met een rechtszaak proberen onder hun vijfjarig contract bij platenmaatschappij Silvertone uit te komen. Dit lukte en de groep kwam onder contract bij Geffen Records te staan, waarbij zij aan hun tweede en laatste album gingen werken. Second Coming verscheen eind 1994 en kreeg gemengde reacties. De nadruk bij dit album lag op het gitaarwerk van John Squire waardoor het een Led Zeppelin-achtige seventies sound kreeg, terwijl het debuutalbum meer sixties-georiënteerd was (Ian Brown: "We hebben godzijdank nooit een eighties-plaat gemaakt"). De periode voor de verschijning van Second Coming stond voornamelijk in het teken van interne spanningen, rechtszaken en overmatig drugsgebruik.

    Love Spreads, de eerste single van Second Coming, was redelijk succesvol, volgens Bobby Gillespie van Primal Scream "the greatest comeback single ever". Terwijl Engeland in de ban van de Britpop raakte werd 1995 voor The Stone Roses het jaar waarin Reni vertrok (hij werd vervangen door Robbie Maddix) en veel concerten niet doorgingen omdat John Squire in de aanloop naar het Glastonbury Festival z'n sleutelbeen brak. In 1996 stapte ook hij op om verder te gaan met The Seahorses.

    Ian Brown en Gary Mounfield bleven over als oorspronkelijke leden; maar na een desastreus verlopen concert tijdens het Reading-festival besloten zij het ook voor gezien te houden.

    Imago

    De band had het imago arrogant te zijn en waren een nachtmerrie voor de journalisten tijdens interviews, het stempel van arrogantie hadden ze voornamelijk te danken aan het zelfvertrouwen dat ze uitstraalden én uitspraken, zo weigerden ze om in het voorprogramma van The Rolling Stones te spelen omdat ze zichzelf beter vonden. Tijdens interviews en persconferenties vielen lange stiltes, korte antwoorden en een ongeïnteresseerde houding zorgden voor ongemakkelijke situaties. Legendarisch is het befaamde Spike Island concert waar journalisten van over heel de wereld op af waren gekomen, de persconferentie eindigde in een chaos waarin band en journalisten elkaar over en weer beschuldigden. Desondanks was de band razend populair en verwierven een cultstatus, mede omdat de band zichzelf bleef zien als working class en hun hometown Manchester trouw bleef.

    Solocarrières

    Nadat de band werd opgeheven sloot Gary Mounfield zich aan bij Primal Scream; John Squire maakte na het uiteenvallen van The Seahorses een paar solo-albums die weinig succesvol waren, daarna heeft hij zich wel redelijk succesvol toegelegd op het schilderen. Reni zat kortstondig in The Rub, maar heeft daarna weinig van zich laten horen.

    De solocarrière van Ian Brown is tot dusver het meest succesvol. Lange tijd weigerde hij om Stone Roses-nummers te spelen, maar toen er hardnekkige geruchten over een reünie de kop opstaken laste hij een integrale uitvoering van The Stone Roses in.

    Third coming

    Op 18 oktober 2011 maakt de band via een persconferentie bekend weer samen te komen in de meest succesvolle bezetting met Brown, Squire, Mani en Reni. De jarenlange vete tussen Ian Brown en John Squire is bijgelegd na een ontmoeting op de begrafenis van Mani's moeder. Aan zelfvertrouwen nog steeds geen gebrek, op de vraag waarom de band weer bij elkaar komt antwoordt Ian Brown: "I think we're great, and i think we've still got it". Een wereldtournee is gepland ter voorbereiding op drie uitverkochte concerten voor 225.000 mensen in thuisbasis Manchester, en ook is er inmiddels gewerkt aan nieuw studiomateriaal. De band is volgens Ian Brown van plan om door te gaan "till the wheels come off, like we did last time".

    Op 2 december 2011 staan Ian Brown en John Squire voor het eerst sinds 1996 weer samen op het podium, tijdens de Justice Tonight show in Manchester delen ze het podium met Mick Jones van The Clash, ze spelen Elizabeth My Dear en Bankrobber. Diezelfde maand maakt de band bekend een platendeal te hebben getekend bij Universal Music London en Columbia records New York; nieuw studiomateriaal is dus te verwachten.

    Tour 2012

    De reünietournee van The Stone Roses was nog maar net van start gegaan, of er was al sprake van onenigheid. Drummer Reni verliet op 12 juni 2012 het podium in Amsterdam en weigerde terug te keren voor een toegift, waarna zanger Ian Brown zich bij het publiek kwam verontschuldigen en duidelijk maakte dat Reni geen zin meer had. Toen de fans niet goed wisten of Brown het meende, herhaalde hij: "Het is geen grap. De drummer is naar huis. Reageer je gerust op mij af, ik kan er wel tegen. Wat kan ik zeggen? The drummer is a cunt". De drie homecoming shows op 29, 30 juni en 1 juli 2012 voor 225.000 mensen in Heaton park, Manchester waren een ongekend succes, de band bleek het nog niet verleerd en ook zanger Ian Brown, waar vooraf aan getwijfeld werd, bleek in staat tot een goede performance. De verwachting was dat de band in 2013 een nieuw studioalbum uit zou brengen.

    Bandleden

    • Ian Brown, zang
    • John Squire, gitaar
    • Gari 'Mani' Mounfield, bass
    • Alan 'Reni' Wren, drums

    Ex-leden en vervangers

    • Andy Couzens, gitaar (tot juli 1986)
    • Pete Garner, bas (1984 tot 1987)
    • Steve Cressa, onofficieel 5e bandlid (1989/1990)
    • Robbie Maddix, drums (verving Reni in april 1995)
    • Nigel Ippinson, toetsen (vanaf juli 1995)
    • Aziz Ibrahim, gitaar (vanaf april 1996 vervanger van John Squire)

    Belangrijkste uitgaven

    • The Stone Roses (1989)
    • Turns into stone (1992)
    • Second coming (1994)
    • Crimson tonight, live EP (1995)

    Compilaties

    • Turns into stone (1992)
    • The complete Stone Roses (1995)
    • Garage flower (1996)
    • Remixes (2000)
    • The very best of the Stone Roses (2002)

    Externe link

    Deze tekst is beschikbaar volgens "Creatieve Commons Attribution/Share Alike Licentie". Extra voorwaarden kunnen van toepassing zijn. Bekijk hiervoor de Creative Commons website voor details. Auteur van de tekst hierboven.