John Lennon

  • John Winston Ono Lennon MBE (voorheen John Winston Lennon, Liverpool, 9 oktober 1940 – New York City, 8 december 1980) was een Engels popmusicus, vredesactivist en oprichter van de Liverpoolse groep The Quarrymen, die later bekend werd als The Beatles. Samen met Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr had Lennon met deze groep een belangrijke rol in de popmuziek.

    Ook als solist maakte hij (gedeeltelijk samen met zijn vrouw Yoko Ono) een bloeiende carrière door, waarmee hij bekend werd als een van de belangrijkste gezichten van de hippiebeweging. Naast zijn muzikale en culturele bijdrage leverde Lennon ook politieke en filosofische inzichten als vredesactivist en vrijdenker. Het nummer Imagine geldt hiervan als bekendste en duidelijkste voorbeeld.

    Familieachtergrond

    De familienaam van Lennon komt van Ó Leannáin of Ó Lionnáin, een veel voorkomende naam in de Ierse graafschappen Fermanagh en Galway. Zijn Ierse grootvader Jack Lennon is in 1858 naar Liverpool verhuisd.

    John werd in Liverpool geboren (in tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, niet tijdens een Duitse luchtaanval), als zoon van de steward Alfred Lennon en Julia Stanley. Zij was volgens eigen zeggen ouvreuse. Zijn vader was vaak maanden op zee, hij was lid van het Salvation Army, of in het Nederlands het Leger des heils. Tijdens een van zijn vele beroepsmissies besloot Julia het bed te delen met een andere man, terwijl ze nog met Johns vader gehuwd was. Bij Alfs thuiskomst van de overzeese oorlog bleek dat Julia niet langer energie wilde steken in het huwelijk. Alfred deed zijn uiterste best om het huwelijk te redden, maar faalde. Op een dag deed hij alsof hij met John een uitje ging maken naar Liverpool. Hij reed echter met John naar Blackpool, waar hij de veerboot naar Nieuw-Zeeland wilde nemen. Julia en haar zus Mimi roken onraad en zochten uit waar Alf zich bevond. In een kantoortje aan de haven van Blackpool speelde zich de gebeurtenis af die heel Johns jeugd zou tekenen. Na een hevige discussie en een zoveelste poging van Alf om het huwelijk te redden, konden beide ouders niets beters bedenken dan de toen 5-jarige John zelf te laten beslissen bij wie hij wilde wonen. De kleine John koos voor zijn vader, waarop moeder Julia zich uit de voeten maakte. Dit was echter buiten Mimi gerekend, zij zag het niet zitten om John nooit meer te zien en stal hem weg van bij Alfred. Omdat Mimi vond dat Julia die dag gefaald had in het moeder-zijn, besloot ze dat John vanaf nu bij haar zou wonen. Alfred vestigde zich dan alleen in Nieuw-Zeeland. Zij zouden elkaar pas in 1964 terugzien. Ook Johns vader Alfred zong als bijverdienste. Lennon woonde dus vanaf zijn vierde jaar bij zijn moeders zuster, Mimi, in de wijk Woolton. Volgens zijn oma zou Mimi een betere opvoeder zijn dan Julia. Mimi was een goed mens maar volgens John veel te streng en zij gaf hem niet veel liefde. Op 15 juli 1958 werd zijn moeder doodgereden door een dronken politieman.

    Julian en Sean Lennon, de zonen van John, hebben met wisselend succes een muzikale carrière, die echter volledig wordt overschaduwd door de artistieke erfenis van hun vader. Zij kregen overigens weinig fysieke steun van hem. Toen Julian een kleine jongen was verliet John zijn moeder Cynthia Powell om niet meer terug te keren en Sean was vijf jaar oud toen John werd vermoord.

    The Beatles

    Lennon is een markant figuur in de popmuziek gebleken. Toen de Beatles in het midden van de jaren 60 besloten zich meer uit te spreken over maatschappelijke vraagstukken en de gebeurtenissen in de wereld (bijvoorbeeld Vietnam), tegen de wens van manager Brian Epstein in, ontwikkelde Lennon zich tot een spreekbuis van een generatie.

    John Lennon veroorzaakte een internationale rel en een boycot van de Beatles door een interview met de Evening Standard. "The Beatles zijn populairder dan Jezus Christus", beweerde hij, wat hem niet alleen kwam te staan op een platenboycot in de VS, maar ook op een etherboycot door de NCRV. In november 2008 werd hem deze bewering officieel vergeven door het Vaticaan.

    Lennon kwam meer en meer onder invloed van de avant-garde-kunstenares Yoko Ono. Hij verliet zijn toenmalige vrouw Cynthia Powell en trouwde in maart 1969 met Yoko Ono. Zijn huwelijk met Cynthia dateerde van 23 augustus 1962. Het paar heeft een zoon, Julian.

    Onder invloed van Ono werd Lennon radicaler, en maakte hij langzaam een beweging naar links. Hij nam bijvoorbeeld in 1968 Revolution met de Beatles op. De harde singleversie (de B-kant van Hey Jude) is al duidelijk uitgesproken, maar in de zachtere elpeeversie op The White Album (die eerder was opgenomen) toonde hij zijn twijfel over de richting waarin hij ging. "We all want to change the world/but when you talk about destruction/don't you know that you can count me out" waarbij in het nummer het laatste woord veranderde in in. In november van dat jaar gaven John en Yoko (ze zagen zich als een eenheid) de elpee Two Virgins uit met een naaktfoto als hoes. De muziek werd steeds obscuurder. The White Album bevat al een ontoegankelijke geluidscollage van Lennons hand (Revolution 9); The Wedding Album (1969) bevat opnames van hun hartslagen met om en om hun voornamen geschreeuwd; Life with the Lions (1969) bevatte opnames van alleen maar stilte.

    Toen de Beatles langzaam ophielden te bestaan, ging Lennon alleen verder en sprak hij zich nog meer uit. In maart 1969 bleven John en Yoko bij wijze van huwelijksreis een week lang (van 25 maart tot en met 31 maart) in bed in kamer 902 in het Amsterdamse Hilton Hotel (de "Bed-In"), zij wilden hiermee wereldvrede promoten en protesteren tegen de oorlog in Vietnam. De beelden haalden voorpagina's van kranten over de hele wereld.

    In juli 1969 werd de anti-oorlogsmantra Give Peace a Chance uitgebracht, die opgenomen is tijdens hun tweede Bed-In (volgens sommigen hun derde, na een mislukte Bed-In op de Bahama's) in het Queen Elizabeth Hotel in Montreal (Canada). In oktober bracht John met de Plastic Ono Band de klassieker Cold Turkey uit nadat de overige Beatles lieten weten niet geïnteresseerd te zijn in de song, en in november stuurde hij zijn MBE-medaille (Member of the Order of the British Empire) terug uit protest tegen de oorlog in Biafra. In februari 1970 schoor Lennon zijn lange haren af en bracht Instant Karma! uit.

    Solo

    Nadat de Beatles in april 1970 definitief uit elkaar gingen, ging Lennon door op de weg die hij al met de Beatles was ingeslagen. In het klassieke album John Lennon/Album Plastic Ono Band, was Lennon op zoek naar zichzelf in plaats van naar John in de Beatles. In die tijd was hij daarvoor in therapie bij de Amerikaanse psycholoog Arthur Janov, die meende dat opgebouwde frustraties konden worden bevrijd door schreeuwen: de 'oerschreeuw'. In Mother schreeuwt Lennon dan ook om het verlies van zijn moeder. In God verklaart hij uiteindelijk 'I don't believe in Beatles/I just believe in me/ Yoko and me/And that's reality/The dream is over.' Later, in 1971, bracht Lennon Imagine uit. Het gelijknamige album bereikte wereldwijd de top van de hitlijsten. Met de dood van Lennon negen jaar later werd dit album opnieuw erg populair.

    In 1972 verscheen Lennon in de MDA Telethon gepresenteerd door de befaamde acteur/komiek Jerry Lewis. Tijdens deze telethon, die als doel had spierziekten te bestrijden, zong Lennon Imagine en Give Peace A Chance. Lewis introduceerde Lennon door te zeggen: "John and Yoko. let's hear it! let's get 'em out! John Lennon! John, Yoko! John, Yoko! John, Yoko! John.... I tell you what, hold it, cool it, cool it: I would suspect that John Lennon is one of the wisest showmen I've ever met. He knows what he is doing. He has split. Let's thank him very much."

    De volgende elpees gingen volgens vele critici in niveau achteruit. Het album Mind Games (1973) verkocht slechts matig en de titeltrack bereikte met moeite de top 20 in de VS en strandde op plaats 26 in het VK. Het daaropvolgende album Walls and Bridges (1974) leverde hem zijn enige nummer 1 hit op tijdens zijn leven: "Whatever Gets You Thru the Night", een duet met Elton John (een goede vriend van Lennon). John Lennon en Elton John zongen het lied live in Madison Square Garden, samen met Lucy in the Sky with Diamonds en I Saw Her Standing There. Dit optreden, tevens het laatste liveoptreden van Lennon, belandde op Elton's live-album Here and There. In 1975 bracht Lennon nog Rock and Roll uit, een verzameling rock-'n-roll-nummers. Op dit album werden twee nummers opgenomen van Big Seven Music Corp, als genoegdoening dat Come Together uit 1969 wel erg veel leek op het nummer You Can't Catch me van Chuck Berry.

    In het begin van de jaren 70 besloten John en Yoko zich te vestigen in New York en ze vroegen een verblijfsvergunning aan. Ze kwamen in aanvaring met de regering-Nixon die Lennon als een politiek gevaar beschouwde en hem ook liet schaduwen door de geheime dienst. Een jarenlange juridische strijd volgde. Nadat Nixon in 1974 wegens het Watergateschandaal het veld moest ruimen, werd Lennon in 1976 definitief een Green Card toegekend.

    In 1975 schreef Lennon nog, met David Bowie, het nummer Fame. Hierna trok hij zich terug om zich te richten op de opvoeding van zijn zoon Sean. Hij schreef nog wel wat songs en maakte enkele demo's, maar nam niet actief nieuwe nummers op. Samen met Yoko maakte hij verre reizen en nam hij de tijd om zijn kapitaal verstandig te beleggen. Hij leerde ook zeilen, iets wat hij altijd al had willen doen.

    In 1979 kondigde Lennon echter aan weer een plaat te willen maken. Die verscheen in het najaar van 1980. Het album, Double Fantasy, deed aanvankelijk weinig. Critici verwachtten een Lennon zoals ze zich die herinnerden en die hoorden ze niet, ook al omdat Lennon had aangekondigd weer de straat te willen opgaan om te demonstreren. De plaat toont echter een Lennon die zijn wilde haren is kwijtgeraakt, die liedjes zingt over zijn liefde voor Yoko Ono (Dear Yoko, en Woman) en zijn zoontje Sean (Beautiful Boy (Darling Boy)). Hij zong over hoe en waarom hij uit de muziekwereld stapte (Watching the Wheels). De titel van het album (Double Fantasy) had John gehaald bij de naam van een bloem die op de Bahama's groeit.

    Lennons dood

    Zijn terugkeer in de muziek was echter van korte duur: op 8 december 1980, om tien minuten voor elf in de avond werd Lennon voor zijn huis in het Dakota gebouw aan 72nd Street neergeschoten door Mark David Chapman met een .38 Charter Arms Special-revolver. Lennon werd nog in een politieauto naar het ziekenhuis gebracht, maar had al te veel bloed verloren en overleed kort daarna op 40-jarige leeftijd. Om 23.15 uur werd hij dood verklaard. Eerder die avond was Lennon nog door zijn moordenaar aangesproken en had hij voor hem een exemplaar van Double Fantasy gesigneerd. John Lennon werd op 10 december gecremeerd in Ferncliff Crematory in Ardsley, New York. Yoko Ono heeft John's as gestrooid in New York's Central Park, waar later het Strawberry Fields memorial is gemaakt.

    Na de moord op Lennon steeg Double Fantasy wereldwijd naar de top van de verkooplijsten. Twee singles van het album, (Just Like) Starting Over en Woman, werden grote hits, evenals het oudere Imagine. Van Johns soloplaten werden, enkel en alleen al in de Verenigde Staten, 14 miljoen exemplaren verkocht. De moord op Lennon bracht overigens geruchten op gang dat deze het werk was van de Amerikaanse overheid die beducht zou zijn voor de invloed die Lennon nog zou hebben op het publiek.

    Na de moord verscheen Lennon nog incidenteel op de hitparade als er oude opnamen werden uitgebracht. In 1984 onder meer Nobody told me van het album Milk and Honey en in 1992 Instant Karma! ter gelegenheid van een reclamecommercial voor Nike-sportschoenen.

    In 2007 werd de film Chapter 27, over de moord op Lennon vanuit het oogpunt van de moordenaar, uitgebracht. Lennon-fans protesteerden tegen deze film, omdat ze bang waren dat Chapman de wereld in zou gaan als een held. De film had geen succes.

    In 2009 verscheen de film Nowhere Boy, die beschrijft hoe Lennon The Quarrymen oprichtte. Ook laat de film zien hoe Lennon werd verscheurd door enerzijds de loyaliteit aan zijn tante, bij wie hij sinds zijn vijfde levensjaar in huis woonde, en anderzijds liefde voor zijn labiele moeder.

    Eerbetoon

    • In Central Park, tegenover het appartement van Lennon en Yoko Ono werd later een herdenkingsmonument opgericht: het Strawberry Fields memorial.
    • In Havana, Cuba, staat een standbeeld van Lennon.
    • In 2002 werd het vliegveld van Liverpool hernoemd tot Liverpool John Lennon Airport.
    • John Lennon verbleef tijdens vakanties in zijn jeugd in Sangomore, een kleine plaats bij Durness in Schotland bij zijn tante Elisabeth Parkes, een zuster van zijn moeder. Daar is een John Lennon Memorial opgericht. Zijn tante ligt begraven op het kerkhof van Balnakeil Church. Een stuk in de tekst van zijn lied In My Life verwijst naar die tijd. In 1969 bezocht hij deze streek voor het laatst in gezelschap van Yoko Ono.
    • In San José - Costa Rica is er in november 2011 een nieuw standbeeld ingehuldigd voor John.
    • Tijdens de slotceremonie van de Olympische Spelen in Londen op 12 augustus 2012, werd het lied Imagine gebracht. Lennon zong het middels een oude videopresentatie die speciaal voor deze gelegenheid was vrijgegeven uit een privéarchief.

    Discografie

    Video/dvd

    • Imagine (1988)
    • Lennon Legend (1997)
    • Gimme Some Truth (2000)
    • The Mike Douglas Show with John Lennon & Yoko Ono (2002)
    • Give Peace a Chance (2002)
    • The Messenger (2002)
    • Sweet Toronto (2002)
    • Year of Peace (2003)
    • LENNON LEGEND the very best of john lennon (2003)
    • The Dick Cavett Show:John & Yoko Collection (2005)
    • Remembering John&Yoko (2005)
    • Killing a Beatle (2005)
    • The U.S. vs. John Lennon (2006)
    • Chapter 27 (2007)
    • Lennon Legend (Limited Edition) (2007)
    • Nowhere Boy (2009)
    • Naked Lennon (2010)

    Externe links

    Deze tekst is beschikbaar volgens "Creatieve Commons Attribution/Share Alike Licentie". Extra voorwaarden kunnen van toepassing zijn. Bekijk hiervoor de Creative Commons website voor details. Auteur van de tekst hierboven.